Everts boek

Geplaatst op 10 april 2009

Drie jaar geleden leerde ik hem kennen voor een item voor de Reunie. 'Rob, we hebben een heel jong iemand in de klas met de ziekte van Alzheimer. Filmpje maken?' stelde de redactie voor. Nu heeft mijn oma Alzheimer gehad en dat leverde vreemde taferelen op. Zo had ze op een dag het kunstgebit van een andere bewoonster in. Die had daar zelf geen erg in en het stond nog beter ook, dus hebben we het maar zo gelaten. 'Nee, dat moet je je er niet helemaal niet bij voorstellen. Aan Evert merk je bijna niks.' Nu ben ik ook wel van het praktische soort, dus vroeg ik me direct af wat er te filmen viel als er niks te zien viel. Ik zag ook een beetje tegen de draaidag op, omdat mijn ex en ik diezelfde ochtend bij de mediator moesten besluiten of we uit elkaar zouden gaan of niet en ik had even niet zoveel behoefte aan allerlei andere heftige verhalen aan mijn hoofd. Maar ik was nog niet bij Evert binnen of alle vooroordelen en bezwaren vielen weg. Evert begroette me vrolijk, kwebbelde honderduit en moest hartelijk lachen toen ik eruit flapte: maar jij bent helemaal niet zo dement als een deur!' We besloten ter plekke dat ik me om de vijf minuten me aan hem voor zou stellen, gewoon om de draak met de ziekte te steken. En we speelden een spelletje memory, in de hoop dat ik eindelijk weer eens kon winnen, want bij Bo en Mees maak ik geen schijn van kans meer. Evert en ik weten allebei niet meer wie er gewonnen heeft, dus met wiens geheugen er iets mis is weet ik ook niet. Uiteindenlijk werd het een emotionele dag. Evert heeft door de ziekte nauwelijks nog remmingen en ik kon moeilijk achterblijven en vertelde hem ook mijn levensverhaal. 'Rob, geniet van het leven, pluk de dag' adviseerde hij me. 'Jij kan t nog, ik straks misschien niet meer. Voor mij is elke dag een geschenk.' Ik besloot die dag nog om allerlei dingen anders te doen in het leven. Bijvoorbeeld om, net als Evert, iets vaker tegen iemand te zeggen dat ik hem of haar aardig vind. Of om gewoon weer eens lekker boos te worden zonder aan de consequenties te denken. En vooral om te doen wat mijn hart me ingeeft. Mede dankzij zijn wijze raad zit ik dit jaar in een heel mooie raceauto en ik hoop van ganser harte dat Evert een weekeindje meegaat als het niet te druk voor hem is. Een dag na de opnames kreeg ik van Evert een mail, waarin hij verslag deed van onze ontmoeting. En ook van dat verslag kreeg ik een brok in mijn keel. Zo recht door zee, recht uit het hart en recht op zijn doel af. Ik drukte hem integraal af in een column die ik een tijdje in de KRO-gids had. Andere mensen lazen die en vroegen Evert of hij dat niet wekelijks wilde doen. En inmiddels zijn we drie jaar verder en is er een bundel verschenen van zijn eerste honderd columns: 'Een vreemde kostganger in mijn hoofd.' Afgelopen zaterdag mocht ik het eerste exemplaar in ontvangst nemen en ik was razend trots.Om allerlei redenen. Omdat Evert me nog herkent, omdat ik trots ben dat de Reunie een beetje heeft mogen bijdragen aan zoiets moois, maar vooral op Evert zelf. Ik heb het boek in 1 adem in het vliegtuig naar Tsjechie uitgelezen. Het is hartverscheurend hoe Evert beschrijft hoe hij langzaam de glijbaan van het bewustzijn afroetsjt. Hoe hij elke week weer iets moet inleveren wat hij eerder nog als vanzelfsprekend beschouwd. Bijvoorbeeld het spreken van vreemde talen. En ga dan maar aan je Spaanse vrienden uitleggen dat je ze van het ene op het andere moment niet meer verstaat. Evert zegt dat hij dankzij Alzheimer zo openhartig is kunnen gaan schrijven. Ik geloof er niks van. Ja, Alzheimer heeft veranderd, maar schrijven kon hij toch echt altijd al. Ik hoop dat Evert nog honderden columns schrijft voor iemand het licht in zijn archief uitdoet. Ik hoop dat ik Evert nog heel vaak mag ontmoeten voor ik me opnieuw aan hem moet voorstellen en ik hoop dat iedereen die dit leest ook Everts boek koopt.