Hiep hiep hoera

Geplaatst op 5 maart 2009

Na een half jaar onderhandelen, smeken, lullen als Brugman en vooral heel veel m'n tong afbijten om 't niet uit schreeuwen van plezier mag ik t dan eindelijk hardop zeggen: ik ga t komende seizoen echt autoracen!! Voor Seat. In Europa. Met steun van Seat Nederland en topcoureur Tom Coronel als mentor. Mooier kan eigenlijk niet. Het is allemaal onderdeel van het plan om een boek te schrijven over het leven van een autocoureur. En dat twaalf maandenlang aan den lijve te ondervinden. Stiekem natuurlijk om erachter te komen of er aan mij toch geen formule-1-coureur verloren is gegaan. En om mijn opspelende midlifecrisis te lijf te gaan, zeggen mijn vrienden. Thomas Rap, de uitgever die ook 'Naar de Haaien' op de markt bracht, vond het direct een leuk idee. En omdat ik de afgelopen jaren eigenlijk alleen maar in Volkswagens en Seats heb gereden leek het mij weer een goed idee om importeur Pon te vragen om hulp. Die voeren namelijk niet alleen VW's en Seats in, maar ook Audi's, Porsches en Skoda's. En daarmee heb je een stuk of vijf heel belangrijke merken in de autosport te pakken. Rallywagens, toerwagens, Le Mans auto's en zelfs formule-3-bolides. Ron Reinders van de sportafdeling wil best naar mijn plannen luisteren, maar heeft allerlei bezwaren; "Stel Kamphues, dat wij jou een dagje in zo'n Le Mans auto laten rijden, stel dat we dat aandurven, denk jij dan dat je er echt achterkomt of je een goeie autocoureur bent?' Marc Braun, vriend, regisseur bij de Reunie, en medevennoot van ons produktiebedrijf de Purmer Posse, kijkt met grote ogen van de ene naar de andere kant van de tafel. Marc is een lieve jongen, maar heeft nul komma nul verstand van autosport. Daarom heb ik hem ook meegenomen. Want het boek moet ook leesbaar worden voor mensen die niks met autosport hebben. Dus ik dacht; als Marc het kan volgen, kan iedereen het volgen. 'Ja, ik denk dat je het na een dag wel weet', zegt hij nietsvermoedend. 'Dat is dus niet zo', werpt Ron tegenin, 'Na een dag weet je hooguit waar de knopjes zitten, hoe een auto werkt en hoe moeilijk het is.' 'Oh' zegt Marc schaapachtig. 'Dat wist ik niet.' 'Dus, Kamphues, wat wil je? Alleen maar een leuke tijd hebben of met de billen bloot en er echt achterkomen of je een goeie autocoureur bent?' Ja, het laatste natuurlijk. 'Dan moet je in Europa gaan rijden. Een heel seizoen. In 1 en dezelfde auto.' 'Mee eens', zeg ik. Want ik hou van mensen die groot denken. En daarna hou ik mijn adem in. Want het gesprek kan nu twee kanten opgaan. Of Seat zegt 'dan zijn we het eens, veel succes en daar is deur' of er komt iets anders. Maar wat? Ron kijkt me uitdagend aan. 'Ken jij het WTCC en de Seat Leon waarin Tom Coronel voor ons rijdt?' Of ik die ken! Ik zit elke zondag dat er gereden wordt op het puntje van mijn stoel voor de buis. Auto's zoals wij uit de showroom kennen, maar dan twintig centimeter lager, twee keer zo breed en drie keer zo snel. En enkel oud-formule-1-coureurs of mannen die de formule 1 hadden moeten halen, die elkaar elke centimeter van het asfalt betwisten: qua spektakel de mooiste klasse ter wereld om naar te kijken. Marc kijkt of hij twee computernerds opgewonden ziet worden van en 'moederbord' of zoiets. 'Ik zie geen verschil met een gewone auto hoor. Ik weet niet of dat zo interessant is' probeert hij nog, maar hij heeft geen schijn van kans tegen Ron en mij. 'Die dingen hebben meer dan 300 pk man.' 'Bikkelharde vering! Onmogelijk te besturen als je niet echt kan rijden, echt hardstikke gaaf!' Marc houdt mopperend zijn mond. 'Maar goed, Kamphues. Zou zo'n auto niks voor je zijn?' Ik denk dat ik knik, want Ron kijkt heel tevreden. 'In het voorprogramma wordt een soort Europees kampioenschap verreden met alleen maar dat soort Seats. En de winnaar van elke race mag in het WTCC meedoen. Als je dat lukt ben je beroepscoureur. Lijkt dat je wat?' Van de rest van het gesprek heb ik niks onthouden. Het duizelde me teveel. Wat een leuk plan voor een boek of een tv-serie leek werd dankzij Seat ineens bikkelharde werkelijkheid. Wilde ik die echt wel? Is het niet veel te hoog gegrepen? Ik tegen de beste coureurs uit Europa in een auto met meer dan 300 pk? Op banen die ik alleen van tv ken? Fitnessen terwijl ik ook nog gewoon de Reunie doe? En ik een goeie gescheiden vader voor m'n twee kinderen wil zijn? Soms moet je in je leven in het diepe springen. Ik neem aan dat ik ergens in het gesprek gewoon 'ja' heb gezegd. En daarna met een verhoogde hartslag naar huis ben gereden zonder iets te horen van wat Marc me allemaal vroeg. En vervolgens heb ik 3 maanden soms heel slecht geslapen. Als een sponsor afhaakte. Als de kredietcrisis opdook en de autoverkoop kelderde. Of gewoon omdat iemand er toch achter zou komen dat er in mij helemaal geen goeie autcoureur schuilt, maar gewoon een blufkikker die zich veel beter voordoet dan hij is. Maar afgelopen maandag stond ik dus echt in de schijnwerpers naast Tom Coronel en gaf ik mijn eerste interview als autocoureur. En zag ik mijzelf twee dagen later in de Telegraaf aangekondigd als Europees racedebutant. Er is geen weg meer terug. En ik beloof dat ik hier en in mijn boek dat in het najaar verschijnt eerlijk verslag zal doen van alle bergen heuvels en ravijnen die ik op mijn avontuur door autosportland tegenkom. En als ik het veld echt niet bij kan houden, dan hou ik er acuut mee op. Dat beloof ik. Denk ik.